Een vrijstaand bad slaagt of mislukt op twee punten: de ruimte eromheen en het draagvermogen van je vloer. Klopt dat allebei, dan pas wordt de keuze voor materiaal en vorm interessant. Wie die volgorde aanhoudt, voorkomt dat er straks een prachtig bad staat dat niet schoon te maken is of waarvoor de vloer verstevigd had moeten worden.
Meet de ruimte, niet alleen het bad
Een vrijstaand bad heeft lucht nodig. Reken aan alle kanten op ruimte om te kunnen schoonmaken, want juist achter en onder het bad hopen zich stof en zeepresten op. Staat het bad te dicht op de muur, dan kom je daar met een borstel nauwelijks meer bij.
Kijk ook naar de looplijnen. Je wilt comfortabel kunnen in- en uitstappen zonder tegen een wastafel of douchewand aan te lopen. In een kleinere badkamer kan een compacter vrijstaand bad daarom een betere keuze zijn dan het grootste model dat nét past.
Je vloer moet meer gewicht dragen dan je denkt
Het gewicht van een gevuld bad wordt vaak onderschat. Het lege bad weegt op zich al flink. Tel daar honderden liters water bij op, plus degene die erin ligt, en je komt op een flinke puntbelasting, veel gewicht op een klein stuk vloer. Een betonnen vloer op de begane grond kan dat doorgaans prima aan.
Bij een houten verdiepingsvloer ligt dat anders. Dan is het verstandig om vooraf een constructeur of aannemer te laten beoordelen of de vloer het gewicht aankan, eventueel met een plaatselijke versteviging. Achteraf blijkt een doorbuigende vloer lastig en kostbaar te herstellen.
Materiaal bepaalt hoe het bad voelt en oogt
Acryl is licht en relatief vriendelijk geprijsd. Dat maakt het geschikt voor verdiepingsvloeren en voor kleinere budgetten. Solid surface, een composietmateriaal met een matte steenlook, voelt warmer aan en oogt luxer. Dat materiaal is wel zwaarder. Heb je een houten verdiepingsvloer, dan telt dat extra gewicht dus mee bij de beoordeling van het draagvermogen.
Qua stijl zie je solid surface veel terug in Scandinavische en Japandi-badkamers. Daar zetten natuurlijke materialen en zachte matte tinten de toon. Een mat wit of grijs bad combineert daar mooi met hout. Zwarte of gunmetal kranen passen eveneens goed bij die look. Kies je voor zo'n gedekte stijl, bedenk dan vooraf welk kraanwerk erbij past, want bad en kraan koop je het liefst als één geheel.
Regel kraan en afvoer vóór de verbouwing
Een vrijstaand bad vraagt om een vrijstaande badkraan, en die komt meestal uit de vloer. Het leidingwerk daarvoor moet dus liggen voordat de vloer dichtgaat. Hetzelfde geldt voor de afvoer, die bij een vrijstaand bad op een andere plek zit dan bij een klassiek bad tegen de muur.
Wie dit vergeet, moet de nieuwe vloer later weer openbreken. Neem de exacte positie van kraan en afvoer daarom op in het badkamerontwerp, inclusief de maten van het specifieke bad dat je op het oog hebt. Elk model heeft namelijk zijn eigen aansluitpunten.
Online bestellen of eerst zien en voelen
Online een bad kopen kan prima, zolang je de productspecificaties naast je eigen meetwerk legt. Controleer de buitenmaten en het gewicht, en kijk waar de afvoer zit. Bespreek die gegevens met je installateur voordat je bestelt.
Materiaal en zitcomfort beoordeel je lastig vanaf een scherm. Daarom loont het om een bad ook in het echt te bekijken en er even in te gaan zitten. Sanitairboutique Mastello in Hilversum heeft bijvoorbeeld een showroom waar baden uit de eigen collectie opgesteld staan. Wie voor een nieuwe badkamer hilversum aandoet, kan er op afspraak ook een stijladviesgesprek voeren en het ontwerp in 3D laten uitwerken.
Zo'n bezoek laat zien hoe diep je in het bad ligt en hoe de rand aanvoelt, informatie die een productfoto niet geeft. Leg die indrukken naast je eigen maatvoering en het draagvermogen van je vloer, en de keuze voor een vrijstaand bad wordt ineens een stuk overzichtelijker.
